Hemellichaam

Ede, 06-12-2012

Locatie: google maps

Niet vermoedend dat ik er zes jaar later zelf zou gaan wonen, verkende ik in 2012 de voormalige kazerneterreinen in Ede. Hier zouden woonwijken verrijzen. De vraag aan mij was om na te denken over een kunstwerk dat de identiteit van het gebied als voormalig kazerneterrein zou verbeelden. Dit kunstwerk zou dan worden geplaatst aan het einde van de transformatie, die zou beginnen met vrijwel alles te slopen wat van na de oorlog was.

Maar juist die na-oorlogse objecten vond ik interessant, omdat het voor mij volstrekt onduidelijk was waarvoor ze dienden. Ik ontdekte er een grote witte bol, waar de deur van open stond. Daarbinnen is het donker, waardoor de ruimte eindeloos en grenzeloos lijkt. Deze bol is van binnen een maquette voor het heelal en van buiten een model voor een hemellichaam. Beide hebben een onbekende schaal. Behalve het zicht is hierbinnen ook het geluid eindeloos: elk geluidje weerkaatst met een zichzelf steeds herhalende echo in de ruimte.

Dat is wel een pluspunt ten opzichte van het heelal, dat stil is.

Verderop vond ik een plein met abstracte betonnen objecten en gaten in de bodem. Zigzaglijnen, muren en gaten staan en liggen hier als sculpturen in een betonnen beeldentuin.

Verspreid over het terrein staan struiken die hoger zijn dan de bomen. Ooit aangelegd door een tuinarchitect, zijn ze de laatste vijfentwintig jaar niet meer onderhouden, waardoor ze vanuit de gesnoeide blokvormen hun natuurlijke vorm en formaat konden aannemen.

Ook verspreid over het terrein staan huisjes zonder duidelijke functie met een pretentieloze architectuur. Wat geen functie meer heeft, moet weg. Ik zou ze zelf liever willen integreren in de woonwijk als wederopbouwfollies.

Want waarom een identiteit verbeelden met een nieuw object als die identiteit er ‘live’ staat? In plaats van het toevoegen van een kunstwerk, ontwikkelde ik een plan waarin al die autonoom geworden objecten een plek zouden krijgen in de nieuwbouwwijk. De witte bol op een plein, de struiken in de tuinen van de mensen, de betonnen beeldentuin omgeven door een bosje. Het enige wat ik dus wilde toevoegen aan het gebied was leegte, zodat al die objecten als sculpturen, follies en autonome wezens zouden voortleven.

Om dat te realiseren zouden hele stukken van de geplande woonwijk geschrapt moeten worden. Vanzelfsprekend kreeg het vierkante-meter denken op dit terrein voorrang en is er flink gebouwd, maar nog altijd zijn een aantal van deze objecten bewaard gebleven.

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren